Niet alleen de première zelf, maar ook een dag later bezocht MusicalJournaal de nieuwste productie van Joop van den Ende Theaterproducties. Hoewel ‘nieuwste’ niet helemaal het goede woord is, want Saturday Night Fever werd ook al in 2003 door dezelfde producent uitgebracht. Maar met de belofte dat deze versie ‘brutaal, sexy en eigentijds’ is, wordt het publiek een aantrekkelijke show in een nieuw jasje in het vooruitzicht gesteld.
De tv-zoekzocht naar de hoofdrolspeler, Tony Manero, verliep niet bepaald als de gedroomde openbare auditie: tegenvallende prestaties en kijkcijfers, juryleden die elkaar in de haren vlogen, slecht geluid en camerawerk, en niet te vergeten een kandidaat die zwaar geblesseerd raakte. De negatieve toon was gezet in de (social) media en zie daar als cast en creatives maar tegenop te boksen. De druk op hun schouders moet in aanloop naar en tijdens de première groot zijn geweest.
Zaterdagavond, the day after, leek er echter van geen enkele druk meer sprake en de energie spatte van het toneel. De nummers van de The Bee Gees als ‘Staying alive’, ‘More than a Woman’ en ‘You should be dancing’, en ‘Disco Inferno’ van The Tramps zitten zo diep in het collectieve geheugen verankerd, dat die daar ongetwijfeld aan bijdragen. De band onder leiding van Mike Schäperclaus speelt daarnaast de sterren van de hemel.
Voor wie noch de eerdere versie heeft gezien, noch de film uit 1977 met John Travolta waarop de show is gebaseerd: Tony Manero (door Joey Ferre) is woonachtig in Brooklyn, New York, en afkomstig uit een Italiaans immigrantengezin. Hoewel hij zijn werk als winkelverkoper goed doet, zijn zijn ouders (Tim Meeuws en Judy Doorman) trotser op zijn broer Frank Junior (Roman van der Werff) die in hun ogen als priester meer status heeft verworven. Wanneer Frank Junior besluit het priesterschap aan de wilgen te hangen, zijn zijn ouders dan ook ten einde raad. Om aan de grauwe dagelijkse sleur en zijn problemen te ontsnappen, leeft Tony zich op zaterdagavond het liefst samen met zijn vrienden, The Faces, uit op de dansvloer van ‘2001 Odyssey’. Als koning van de dansvloer is hij zeer populair bij het vrouwelijk geslacht en met name Annette (Laurie Reijs) wil niets liever dan met hem naar bed. Als er weer een danswedstrijd wordt aangekondigd, besluit hij samen met Annette deel te nemen in de hoop dat de geldprijs hem in staat stelt een andere weg in te slaan. Dan ontmoet hij echter de arrogante en ambitieuze Stephanie Mangano (Noortje Herlaar). Hij wordt door haar aangetrokken, en niet alleen omdat ze zo goed danst, maar wordt aanvankelijk keer op keer door haar afgewezen. Wanneer Stephanie toch besluit zijn danspartner te worden, zet Tony Annette aan de kant. Die kan dat niet verkroppen en is radeloos. Ook radeloos is Bobby C. (Karel Simons), een van The Faces. Hij heeft een meisje zwanger gemaakt en voelt zich door zijn omgeving zwaar onder druk gezet met haar te trouwen. Tijdens de danswedstrijd strijden drie koppels om de hoofdprijs. Wanneer Tony merkt dat hij de prijs heeft gewonnen omdat het beter dansende Latijns-Amerikaanse koppel wordt gediscrimineerd, geeft hij de prijs aan hun weg. Hij besluit definitief met zijn vriendengroep te breken, Brooklyn te verlaten en een voorbeeld te nemen aan de ambitieuze Stephanie.
De manier waarop deze remake wordt neergezet, levert gemengde gevoelens op. De muziek swingt de pan uit en The Faces (Alessandro Pierotti, Lars van Sermond en Daniel Vissers) stelen met de rest van de cast de show met hun moves en energie. Zonder enige twijfel is Ivan Paulovich (samen met zijn danspartner Iris Meeusen) de enige echte koning van de dansvloer. Zijn voeten- en heupwerk zijn van adembenemende klasse. Naast deze jarenlang getrainde dansers steken de dansbewegingen van de meer allround geschoolde Joey Ferre soms wat mager af, maar hij laat het maximale zien wat hij op dit moment in huis heeft en gooit zich volledig in de strijd.
Dat Joey Ferre het gedroomde uiterlijk heeft van een Tony Manero, dat bleek al aan de reacties tijdens de tv-zoektocht ‘Sunday Night Fever’. Dat feit wordt tijdens de show dan ook ten volle benut wanneer hij bijvoorbeeld langzaam zijn shirt uittrekt of met zijn stoere blikken op de dansvloer. In zijn spel blijft hij echter nog behoorlijk eendimensionaal, met veel dezelfde gezichtsuitdrukkingen of manier van spreken. Zijn zang en dictie zijn echter redelijk goed. Eigenlijk is aan zowel zang, dans als acteren te merken dat hij het nodige in huis heeft en de basis beheerst, maar nog aan het begin van zijn loopbaan staat. Aan de andere kant weet hij in zijn hoofdrol toch de leider van de groep neer te zetten en de hele avond het zelfde niveau vast te houden.
Noortje Herlaar heeft als Stephanie Mangano een minder grote rol dan ze gezien haar capaciteiten verdient. Ze zet prima een wat hooghartig en later ook kwetsbaar karakter neer. Haar lenigheid en dansachtergrond komen in deze show ook veel meer tot hun recht dan in haar rol van Mary Poppins. De rol van Annette wordt gespeeld door Laurie Reijs. Dit karakter komt helaas totaal niet uit de verf en blijft steken in een onbenulligheid die simpelweg pijnlijk is. Daar waar je als publiek op enig moment medelijden en medeleven met haar zou moeten krijgen gezien de verhaallijn, raakt zij geen enkele keer een gevoelige snaar. De meest hilarische momenten van de show zijn te vinden in de scènes met DJ Monty (hier gespeeld door Rogier Komproe). Hoewel hij er een eigen energieke draai aan weet te geven en een goede stem heeft, ontbreekt hier helaas het ‘foute’ over-the-topgevoel waarvan in de eerste versie van Saturday Night Fever wel sprake was.
Het ‘brutale en eigentijdse’ waarmee Joop van den Ende Theaterproducties schermt, is vooral terug te vinden in de rauwheid van de scènes van The Faces met veel grof taalgebruik (en drugs). Dit taalgebruik maakt de scènes plat en goedkoop en maakt het drama minder geloofwaardig dan mogelijk. Die stoerheid en rauwheid hadden ook op een andere manier tot uiting kunnen worden gebracht. De vertaling van Saturday Night Fever door Daniel Cohen haalt het dan ook niet bij zijn geweldige vertaling van Next To Normal.
De ‘freezes’ als overgang tussen de scènes leveren verschillende mooie tableaus op, al kunnen sommige wel korter en slaan ze soms zelfs de vaart in de show dood. Gelukkig volgt er dan vaak al weer snel een spetterend dansnummer en zit het publiek weer op het puntje van zijn stoel. Daarnaast moet opgemerkt worden dat de verstaanbaarheid van de cast uitstekend was, ook tijdens de ensemblenummers, en dat wil nog wel eens een valkuil zijn. Petje af daarvoor dus.
Dat alles in aanmerking nemend, blijft de vraag over of Saterday Night Fever echt zo ‘brutaal, sexy en eigentijds’ is als de producent ons wil doen geloven. Het antwoord daarop is “ja”, maar een echte verbetering ten opzichte van de vorige versie is die insteek niet. Dat neemt niet weg dat het vooral een fantastisch dansspektakel is waarbij genoeg te genieten valt om een onbezorgd avondje uit te hebben.
Saturday Night Fever is de komende maanden te zien als Nationale Tour in de veertien grootste theaters van Nederland. Voor meer informatie en kaartverkoop: www.musicals.nl.
Stefanie
In ons fotoalbum vind je scènefoto’s en ook foto’s van eindapplaus en trapmoment.