Het lijkt een droom; getalenteerd meisje wordt ontdekt door manager en lanceert een muzikale carrière. Maar zangtalent is niet voldoende, zeker niet als je een introvert, mensenschuw, haast autistische meisje bent en de manager een louche figuur zonder successen. Samen met een alcohol-verslaafde moeder die een klein stapje verwijderd is van de goot, de ingrediënten voor de (tragi)komedie Little Voice. Oorspronkelijk een toneelstuk van de hand van Jim Cartwright (The Rise and Fall of Little Voice), maar voor deze Nederlandse uitvoering excellent vertaald door Jules Deelder.
Moeder Marie (Ellen Pieters) denkt dat ze onweerstaanbaar is voor mannen, vooral als ze dronken is. Haar laatste verovering is de mislukte impresario Ed Desmet (Han Oldigs), die bij Marie thuis kennismaakt met haar dochter Mus (Suzan Seegers). Na de dood van haar vader leeft Mus teruggetrokken op haar zolderkamertje en luistert doorlopend naar de grammofoonplaten van haar vader. Ze kan de stemmen van Judy Garland, Shirley Bassey, Marilyn Monroe, maar ook Willeke Alberti perfect imiteren. Ed hoort Mus, maar ruikt geld. Hij dwingt de mensenschuwe Mus op te treden in de nachtclub van meneer Boe (Laus Steenbeeke). Zingen op een zolderkamertje is echter iets heel anders dan zingen in een nachtclub…
Suzan Seegers volbrengt de haast onmogelijke taak om haar ingetogen spel toch de achterste rij te laten bereiken.
Zelden is het zo goed gelukt om een voorstelling te verplaatsen naar een Nederlandse setting als nu met Little Voice. De nummers die Mus zingt zijn weliswaar internationaal (op Willeke Alberti na uiteraard), maar het Rotterdamse (zeker met een première in het Oude Luxor) doet authentiek aan en de personages van met name Marie, Ed en Boe lijken zo weggelopen uit een Rotterdamse volkssoap. Er is een mooi contrast tussen het “kleine” hoofdpersonage Mus en de luidruchtige Marie en Ed. Suzan Seegers volbrengt de haast onmogelijke taak om haar ingetogen spel toch de achterste rij te laten bereiken; ze krijgt regelmatig -terecht- open doekjes voor haar zang, maar het is juist door haar overtuigende spel dat ze Mus tot leven brengt. Ellen Pieters en Han Oldigs mogen alle subtiliteiten en fijngevoeligheden thuislaten en kunnen zich heerlijk laten gaan. Toch laten ze in hun personages een gelaagdheid en ontwikkeling zien, die de sfeer van het stuk van hilarische komedie in de eerste akte naar tragische ontreddering in de tweede akte doet veranderen. Laus Steenbeeke mag zich als nachtclubeigenaar-met-
Afgezien van het optreden in de nachtclub, spelen alle scenes zich af in het huis van Marie, dat voor de gelegenheid doormidden is gezaagd en zo een doorkijk in alle ruimtes biedt. Bij dat zagen zijn de meubelstukken, inclusief televisie, overigens niet gespaard. De halve meubels en halve deuropeningen die daardoor zijn ontstaan, worden weer gebruikt in humoristische speldetails.
Bezoekers verwachten mogelijk op basis van de cast en/of de preview tijdens de musical sing-along een musical of muziektheater. Little Voice is dat echter niet; alleen in de tweede akte heeft Suzan Seegers een lange muzikale solo. De voorstelling is echter als geheel zo vermakelijk, dat niemand teleurgesteld hoeft te zijn. Little Voice mag dan over een klein Musje gaan, ze zingt als een nachtegaal.
Frank
Na afloop van de première spraken we met Han, Ellen en Suzan:
[yframe url=’http://www.youtube.com/watch?v=7ECLb55hHGs’]








